Door stijgende brandstofprijzen: benzine €14,94 vs €6,63 elektrisch per 100 km

Elektrisch rijden goedkoper dan benzine bij laden thuis of op het werk

Rijden op benzine kost momenteel ruim twee keer zoveel als het opladen van een elektrische auto. Nieuwe cijfers laten zien hoe groot het verschil in energiekosten inmiddels is geworden. Terwijl brandstofprijzen oplopen door stijgende olieprijzen, blijven de kosten voor elektriciteit relatief stabiel.

Benzine kost ruim twee keer zoveel per kilometer

Wie de energiekosten per kilometer naast elkaar legt, ziet een opvallend verschil. Uit een analyse van mobiliteitsplatform Shuttel blijkt dat een gemiddelde elektrische auto momenteel ongeveer €6,63 per 100 kilometer aan stroom kost. Voor een vergelijkbare benzineauto ligt dat bedrag op €14,94 per 100 kilometer.

Daarmee kost rijden op benzine momenteel ruim twee keer zoveel als het opladen van een elektrische auto. Het verschil in energiekosten loopt daarmee op tot bijna 60 procent. De berekening is gebaseerd op actuele energieprijzen, publieke laadtarieven en laaddata van ongeveer 25.000 zakelijke elektrische rijders. Door stijgende olieprijzen – mede door geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten – lopen brandstofprijzen snel op, terwijl elektriciteitsprijzen veel stabieler blijven.

grafiek met kosten per 100 km voor benzine en elektrisch opladen

Zelfs snelladen langs de snelweg blijft goedkoper

Elektriciteit is niet overal even duur. Het goedkoopst is laden thuis of op het werk, waar de gemiddelde prijs volgens de analyse rond €0,325 per kWh ligt.

Snelladers langs de snelweg zijn duidelijk duurder. Daar kunnen tarieven oplopen tot ongeveer €0,75 per kWh. Toch blijft elektrisch rijden zelfs in dat scenario vaak voordeliger dan benzine.

Bij een gemiddeld energieverbruik van 17 kWh per 100 kilometer komt rijden met uitsluitend snelladen uit op ongeveer €12,75 per 100 kilometer. Dat ligt nog altijd onder de €14,94 per 100 kilometer voor een vergelijkbare benzineauto. Het kostenvoordeel wordt dus kleiner wanneer er uitsluitend met snelladers wordt geladen, maar elektrisch rijden blijft in veel gevallen nog steeds goedkoper.

Fastned omzet groei stijging

De meeste kilometers worden met goedkope stroom gereden

In de praktijk laden elektrische rijders bovendien lang niet alleen bij snelladers. De meeste laadsessies vinden plaats op locaties waar elektriciteit goedkoper is.

Uit de analyse blijkt dat ongeveer 75 procent van alle laadtransacties thuis of op het werk plaatsvindt. Publieke AC-laadpunten zijn goed voor ongeveer 15 procent van de laadsessies, terwijl snelladers langs de snelweg circa 10 procent van het totaal vertegenwoordigen. Omdat het grootste deel van de kilometers met relatief goedkope stroom wordt gereden, blijven de gemiddelde energiekosten van elektrische auto’s aanzienlijk lager dan die van benzineauto’s.

75 procent van alle laadtransacties thuis of op het werk plaatsvindt.

Brandstofprijzen lopen sneller op dan stroomprijzen

Het groeiende verschil wordt vooral veroorzaakt door stijgende brandstofprijzen. Wanneer de prijs van ruwe olie stijgt, vertaalt zich dat vrijwel direct naar hogere prijzen aan de pomp. Elektriciteitsprijzen reageren doorgaans minder sterk op geopolitieke ontwikkelingen. Daardoor wordt het kostenverschil tussen benzine en elektriciteit steeds zichtbaarder wanneer olieprijzen oplopen. Voor automobilisten die veel kilometers maken kan dat verschil flink oplopen. Bij een jaarkilometrage van 20.000 kilometer bedraagt het verschil in energiekosten inmiddels ruim €1.600 per jaar.

Zakelijke wagenparken kijken steeds nadrukkelijker naar kosten

Naast de stijgende brandstofprijzen speelt ook beleid een rol in de verschuiving richting elektrisch rijden. In regelgeving rondom zakelijke mobiliteit wordt steeds nadrukkelijker gekeken naar maatregelen die het gebruik van fossiele auto’s minder aantrekkelijk maken. Zo wordt onder meer gesproken over een mogelijke pseudo-eindheffing voor werkgevers die nog veel benzine- of dieselauto’s inzetten. Zulke maatregelen kunnen het kostenverschil tussen fossiele en elektrische auto’s verder vergroten. Voor veel organisaties is elektrificatie daardoor niet langer alleen een duurzaamheidsvraagstuk, maar ook een economische keuze. Werkgevers kijken steeds vaker naar de totale mobiliteitskosten van hun wagenpark en de kosten per kilometer.

Praktijkdata onderstreept het groeiende kostenverschil

De analyse van Shuttel is gebaseerd op daadwerkelijke laadtransacties van ongeveer 25.000 gebruikers. Daardoor ontstaat een realistischer beeld van de werkelijke kosten dan bij berekeningen die uitsluitend uitgaan van theoretische tarieven. Voor de berekeningen is uitgegaan van een gemiddeld energieverbruik van 17 kWh per 100 kilometer voor een elektrische middenklasseauto. Voor een vergelijkbare benzineauto is gerekend met een gemiddeld verbruik van 1 op 16.

De cijfers laten vooral zien hoe groot het verschil in energiekosten inmiddels is geworden. Waar elektrisch rijden lange tijd vooral werd gezien als een duurzame keuze, speelt het financiële voordeel nu een steeds grotere rol. Voor automobilisten en wagenparkbeheerders wordt de rekensom daardoor steeds eenvoudiger: opladen kost aanzienlijk minder dan tanken.

Tekst: Marc Verweij

Vorig artikelWuling Rongguang EV: budget bestelbus met 100 kW, bladveren, en een prijs van €8.772
Volgend artikelToyota bZ7: enorme elektrische sedan met Huawei motor en 710-km bereik

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in